Aan: het college van burgemeester en wethouders van Roermond
Onderwerp: Vragen ex artikel 43 RvO inzake Zorgfraude
Geacht College,
Uit het alarmerende rapport van het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC) en de berichtgeving in De Limburger blijkt dat Limburg een aantrekkelijke voedingsbodem is voor zorgfraude en georganiseerde criminaliteit. Criminelen maken op grote schaal misbruik van zorggelden die bedoeld zijn voor kwetsbare inwoners. In het artikel wordt vermeld dat de kostenpost voor de verzamelde gemeenten in Noord-Limburg alleen al wordt geschat op 6 tot 21 miljoen euro per jaar. De omvang van deze fraude wordt door het RIEC getypeerd als een “blinde vlek”. Bovendien stelt het RIEC vast dat er sprake is van een ontbreken van daadkracht bij gemeenten, waardoor criminelen nauwelijks risico lopen en fraudeurs vrij spel hebben. Dit is ronduit schokkend. Volgens het rapport blijft de aanpak in Limburg ernstig achter: toezicht ontbreekt vaak, gemeenten handelen onvoldoende en kwetsbare cliënten lopen het risico misbruikt te worden. Dit gaat om veel gemeenschapsgeld dat wegvloeit, geld dat niet bij de zorg terechtkomt waarvoor het bedoeld is. De gemeente kan zich niet langer verschuilen achter gebrek aan capaciteit of onduidelijkheid in verantwoordelijkheden: dit is een bestuurlijke keuze. De LVR vindt dit onaanvaardbaar. Juist de gemeente draagt verantwoordelijkheid om zorgvuldig met publieke middelen om te gaan en fraude keihard aan te pakken. Wij stellen daarom de volgende vragen aan de portefeuillehouder zorg en integriteit: Vragen
1. Bekendheid en urgentie
a. Wanneer heeft de portefeuillehouder kennisgenomen van het RIEC-rapport “Ondermijning in de zorg” en wat heeft zij tot nu toe concreet gedaan met de aanbevelingen?
b. Hoe beoordeelt de portefeuillehouder de conclusie dat Limburg, en daarmee ook Roermond, achterloopt in de aanpak van zorgfraude?
c. Hoe beoordeelt de portefeuillehouder het oordeel van het RIEC dat er bij gemeenten sprake is van een ontbreken van daadkracht?
2. Situatie in relatie tot inwoners van Roermond
a. Hoeveel zorgaanbieders die zorg leveren aan inwoners van Roermond zijn bekend bij justitie of zijn in verband gebracht met fraude of andere delicten?
b. Hoeveel zorggelden die voor inwoners van Roermond bestemd zijn, zijn er in de afgelopen jaren verloren gegaan aan zorgfraude of onrechtmatige declaraties?
c. Heeft de portefeuillehouder signalen ontvangen van malafide zorgaanbieders die diensten leveren aan inwoners van Roermond, en zo ja: welke acties zijn ondernomen?
3. Toezicht en daadkracht
a. Waarom wordt er in Roermond nog geen structureel gebruikgemaakt van de Wet Bibob om zorgaanbieders vooraf te screenen, terwijl het RIEC dit expliciet aanbeveelt?
b. Hoe vaak heeft de gemeente daadwerkelijk VOG’s en diploma’s van zorgpersoneel gecontroleerd en welke resultaten zijn daaruit gekomen?
c. Erkent de portefeuillehouder dat het huidige toezicht en de inzet van capaciteit in Roermond onvoldoende zijn om fraude en misbruik tegen te gaan?
d. Hoe gaat de portefeuillehouder concreet invulling geven aan de benodigde daadkracht die volgens het RIEC ontbreekt?
4. Bescherming van cliënten
a. Hoe garandeert de portefeuillehouder dat kwetsbare cliënten in de jeugdzorg, Wmo en pgb-zorg niet worden misbruikt of bedreigd door malafide aanbieders?
b. Kan de portefeuillehouder uitsluiten dat dit in Roermond al is voorgekomen, en zo nee: hoe wordt dit onderzocht en aangepakt?
5. Samenwerking en regionale aanpak
a. Is Roermond inmiddels aangesloten bij het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) en wordt dit actief benut?
b. Steunt de portefeuillehouder de aanbeveling van het RIEC om een regionaal meldpunt zorgfraude in te richten, zodat malafide aanbieders niet van de ene naar de andere gemeente kunnen uitwijken?
c. Welke rol neemt de portefeuillehouder hierin zelf, en is zij bereid dit actief te agenderen in regionaal verband?
6. Concreet vervolg
a. Welke harde maatregelen gaat de portefeuillehouder nu nemen om zorgfraude in Roermond structureel te bestrijden?
b. Is de portefeuillehouder bereid structureel Bibob-toetsen, strengere contractvoorwaarden en scherper toezicht te verplichten?
c. Wanneer kunnen raad en inwoners de eerste resultaten hiervan concreet terugzien?
De LVR benadrukt dat hier niet alleen veel gemeenschapsgeld op het spel staat, maar ook het vertrouwen van inwoners in de zorg. Nog meer negatieve berichtgeving over misstanden in de zorg kan Roermond zich niet veroorloven. Dit vraagt om bestuurlijke daadkracht en directe actie. Wij verwachten dat de portefeuillehouder dit dossier nú met zichtbaar resultaat en meetbare stappen oppakt.
In afwachting van uw beantwoording,
Mark Schlicher
Ben Peters
Dré Peters

